
Kippensoep
een boek over niet verdwijnen.
De dag dat de diagnose kwam — kanker.
Ik schreef om niet te verdwijnen in mezelf. Om woorden te geven aan wat ik voelde. Dat deelde ik met lieve mensen om mij heen — mensen die dichtbij bleven toen de wereld ineens niet meer hetzelfde was.
Aannemen als medicijn
Aannemen is voor mij nooit vanzelfsprekend geweest. Ik leerde geven. Dragen. Sterk zijn.
Ik leerde niet om te ontvangen. Niet om te leunen. Niet om mijn hand op te houden en te zeggen: help me, ik kan het niet alleen.
Aannemen voelde als schuld. Als afhankelijk worden. Als een stukje van mezelf kwijtraken.
Maar nu mijn lichaam stopt, nu mijn energie weglekt, nu ik niet meer door kan duwen — nu moet ik aannemen. Aannemen is geen nederlaag. Het is leven.
En elke keer dat ik iemand binnenlaat, met soep, een kaartje, een zin, voel ik iets verschuiven.
Aannemen is nu mijn medicijn. Niet de pillen, maar de mensen. Ik oefen. Elke dag. Een beetje minder sterk. Een beetje meer mens.
Aannemen. Ademen. Blijven.
Uit Kippensoep.
Jij moet echt een boek gaan schrijven.
Dat boek moet er komen hoor. Volgend jaar, of over vijf of tien jaar. Op jouw tempo.
Jaaa please, maak chickensoup for the soul.
Het online programma
De afdaling, verteld
Zeven poorten, en bij elke poort leg je iets af.
